Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to intrigue
01
intrigeren, boeien
to capture someone's interest or curiosity
Transitive: to intrigue sb
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
intrigue
3e persoon enkelvoud
intrigues
onvoltooid deelwoord
intriguing
onvoltooid verleden tijd
intrigued
voltooid deelwoord
intrigued
Voorbeelden
The mystery novel intrigued her with its twists and turns.
De mysterieroman intrigeerde haar met zijn wendingen.
02
intrigeren, samenzweren
to secretly plot or scheme, often with the intent of causing harm
Intransitive: to intrigue | to intrigue against sb
Voorbeelden
The two rivals were caught trying to intrigue against the reigning champion.
De twee rivalen werden betrapt terwijl ze probeerden te intrigeren tegen de regerend kampioen.
Intrigue
01
intrige, samenzwering
a crafty and involved plot to achieve your (usually sinister) ends
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
intrigues
02
liefdesaffaire
a clandestine love affair
Lexicale Boom
intrigued
intriguer
intriguing
intrigue



























