to infest
in
ɪn
in
fest
ˈfɛst
fest
investinfectingestincest

Definitie en betekenis van "infest"in het Engels

to infest
01

teisteren, overrompelen

to overrun in large numbers 
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
infest
3e persoon enkelvoud
infests
onvoltooid deelwoord
infesting
onvoltooid verleden tijd
infested
voltooid deelwoord
infested
Voorbeelden
Last summer, the picnic area was infested with mosquitoes, forcing us to cut our outing short. 

Afgelopen zomer was het picknickgebied vergeven van de muggen, wat ons dwong om onze uitje in te korten.

02

besmetten, overwoekeren

(parasites) to inhabit or occupy a place in large numbers 
Voorbeelden
The fleas infest the dog's fur, causing constant itching and discomfort. 

De vlooien teisteren de vacht van de hond, wat constante jeuk en ongemak veroorzaakt.

03

teisteren, overwoekeren

occupy in large numbers or live on a host 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store