Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to alter
01
veranderen, wijzigen
to cause something to change
Transitive: to alter sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
alter
3e persoon enkelvoud
alters
onvoltooid deelwoord
altering
onvoltooid verleden tijd
altered
voltooid deelwoord
altered
Voorbeelden
A good haircut can completely alter one's appearance.
Een goede knipbeurt kan iemands uiterlijk volledig veranderen.
02
veranderen, wijzigen
to change without becoming totally different
Intransitive
Voorbeelden
The patient 's condition began to alter, showing signs of improvement.
De toestand van de patiënt begon te veranderen, met tekenen van verbetering.
03
wijzigen, aanpassen
to make changes to a garment in order to adjust its size, style, or overall appearance
Transitive: to alter a garment
Voorbeelden
The tailor transformed the outdated jacket by tapering the sleeves.
De kleermaker transformeerde de verouderde jas door de mouwen te veranderen.
04
steriliseren, castreren
to remove the reproductive organs of an animal
Dialect
American
Transitive: to alter an animal
Voorbeelden
The responsible pet owner decided to alter their male rabbit to prevent territorial marking and aggression.
De verantwoordelijke huisdiereneigenaar besloot zijn mannelijke konijn te castreren om territoriaal markeren en agressie te voorkomen.
Lexicale Boom
alterable
alteration
alterative
alter



























