to deface
Pronunciation
/dɪˈfeɪs/

Definitie en betekenis van "deface"in het Engels

to deface
01

onteeren, beschadigen

to ruin or damage something's appearance, particularly by writing or sketching on it
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
deface
3e persoon enkelvoud
defaces
onvoltooid deelwoord
defacing
onvoltooid verleden tijd
defaced
voltooid deelwoord
defaced
Voorbeelden
They are currently defacing the wall with unauthorized posters.
Ze zijn momenteel de muur aan het ontsieren met ongeautoriseerde posters.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store