Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
contiguous
01
aangrenzend, opeenvolgend
occurring without interruption, one after another, in a continuous sequence
Voorbeelden
Their meetings were held on contiguous mornings throughout the week.
Hun vergaderingen werden gehouden op aaneengesloten ochtenden gedurende de week.
02
aangrenzend, naburig
sharing a common border or touching at some point
Voorbeelden
The two rooms were designed to be contiguous, allowing for easy access between them.
De twee kamers zijn ontworpen om aaneengesloten te zijn, wat een gemakkelijke toegang tussen hen mogelijk maakt.
03
aangrenzend, naastgelegen
touching or adjoining, without any gaps or separation
Voorbeelden
The contiguous rooms in the hotel made it easy for the group to stay close together.
De aaneengesloten kamers in het hotel maakten het gemakkelijk voor de groep om dicht bij elkaar te blijven.
04
aangrenzend, naastgelegen
(of two angles) share a common side and a common vertex
Voorbeelden
The adjacent angles in the polygon are contiguous, sharing a side.
De aangrenzende hoeken in de veelhoek zijn aaneengesloten, waarbij ze een zijde delen.
Lexicale Boom
contiguousness
contiguous
contigu



























