Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
first-time
01
eerste keer, nieuw
(of a person) new to an activity or experience
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
relationeel
niet gradueerbaar
Voorbeelden
As a first-time parent, he felt overwhelmed.
Als eerste keer ouder voelde hij zich overweldigd.
02
eerste keer, inaugureel
(of an event, action, or situation) not happened before
Voorbeelden
First-time violations carry a lighter penalty.
Eerste overtredingen hebben een lichtere straf tot gevolg.



























