to coarsen
coar
ˈkɔ:
kaw
sen
sən
sēn

Definitie en betekenis van "coarsen"in het Engels

to coarsen
01

verruwen, ontfijnen

to reduce the refinement, subtlety, or delicacy of something 
Transitive: to coarsen sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
coarsen
3e persoon enkelvoud
coarsens
onvoltooid deelwoord
coarsening
onvoltooid verleden tijd
coarsened
voltooid deelwoord
coarsened
Voorbeelden
Years of harsh living had coarsened his manners. 

Jaren van hard leven hadden zijn manieren verruwd.

02

verruwen, verdikken

to make a material or surface rougher or thicker in texture 
Transitive: to coarsen sth
Voorbeelden
Sanding the plank incorrectly coarsened its surface. 

Het plankje verkeerd schuren maakte het oppervlak ruwer.

03

ruwer worden, dikker worden

to become rougher or thicker in texture or quality 
Intransitive
Voorbeelden
His skin coarsened after years of outdoor labor. 

Zijn huid werd ruw na jaren van buitenwerk.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store