Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to clock in
01
inchecken, aanmelden
to record one's arrival at work by using a timekeeping system, usually involving the use of a clock or electronic device
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
partikel
in
basiswerkwoord
clock
tegenwoordige tijd
clock in
3e persoon enkelvoud
clocks in
onvoltooid deelwoord
clocking in
onvoltooid verleden tijd
clocked in
voltooid deelwoord
clocked in
Voorbeelden
Employees are required to clock in at the beginning of their shift using their employee ID cards.
Medewerkers moeten aan het begin van hun dienst inchecken met hun personeels-ID-kaarten.
02
registreren, meten
to have one's measurement, speed, etc. recorded officially
Voorbeelden
The heavyweight boxer clocks in at 250 pounds, making him a formidable presence in the ring.
De zwaargewichtbokser weegt 250 pond, wat hem een formidable aanwezigheid in de ring maakt.
03
inchecken, de aankomsttijd registreren
to note and record an individual's time of arrival, typically done in work environments
Voorbeelden
Hey, I'll cover for you. Just let me know when you want me to clock you in.
Hé, ik spring voor je in. Laat me gewoon weten wanneer je wilt dat ik je incheck.



























