affluent
aff
ˈæf
āf
luent
luənt
looēnt
/ˈæfluːənt/

Definitie en betekenis van "affluent"in het Engels

01

welgesteld, rijk

possessing a great amount of riches and material goods
affluent definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
overtreffende trap
most affluent
vergrotende trap
more affluent
gradueerbaar
Voorbeelden
She grew up in an affluent family, attending private schools and traveling abroad frequently.
Ze groeide op in een welgestelde familie, bezocht privéscholen en reisde vaak naar het buitenland.
01

zijrivier, bijrivier

a tributary stream or river that flows into a larger one
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
affluents
Voorbeelden
The town was built near the affluent for easy access to water.
De stad werd gebouwd in de buurt van de zijrivier voor gemakkelijke toegang tot water.
02

rijke, welgestelde

a person who is wealthy
Voorbeelden
Many affluents in the city live in exclusive gated communities.
Veel rijken in de stad wonen in exclusieve afgesloten gemeenschappen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store