Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
affluent
01
welgesteld, rijk
possessing a great amount of riches and material goods
Voorbeelden
She grew up in an affluent family, attending private schools and traveling abroad frequently.
Ze groeide op in een welgestelde familie, bezocht privéscholen en reisde vaak naar het buitenland.
Affluent
01
zijrivier, bijrivier
a tributary stream or river that flows into a larger one
Voorbeelden
The town was built near the affluent for easy access to water.
De stad werd gebouwd in de buurt van de zijrivier voor gemakkelijke toegang tot water.
02
rijke, welgestelde
a person who is wealthy
Voorbeelden
Many affluents in the city live in exclusive gated communities.
Veel rijken in de stad wonen in exclusieve afgesloten gemeenschappen.
Lexicale Boom
affluent
afflu



























