Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to count in
[phrase form: count]
01
inbegrepen, meetellen
to include or involve someone in a particular activity, decision, or plan
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
regelmatig
scheidbaar
partikel
in
basiswerkwoord
count
tegenwoordige tijd
count in
3e persoon enkelvoud
counts in
onvoltooid deelwoord
counting in
onvoltooid verleden tijd
counted in
voltooid deelwoord
counted in
Voorbeelden
Do n't forget to count in Jane for the brainstorming session; she has valuable insights.
Vergeet niet Jane mee te tellen voor de brainstormsessie; ze heeft waardevolle inzichten.



























