Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Visage
01
gezicht, aangezicht
the face of a person, with regard to its shape or structure
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
visages
Voorbeelden
The marble bust preserved the emperor 's noble visage.
Het marmeren borstbeeld bewaarde het nobele gelaat van de keizer.
02
gezichtsuitdrukking, gelaat
a person's facial expression, conveying mood or emotion
Voorbeelden
The child 's terrified visage made the room fall silent.
Het doodsbange gezicht van het kind deed de kamer verstommen.



























