Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to vaccinate
01
vaccineren
to protect a person or an animal against a disease by giving them a preventive shot against specific diseases
Transitive: to vaccinate a person or animal
Intransitive: to vaccinate against a disease
Voorbeelden
Public health campaigns aim to educate communities about the importance of vaccinating against contagious diseases.
Publieke gezondheidscampagnes hebben als doel gemeenschappen voor te lichten over het belang van vaccineren tegen besmettelijke ziekten.
Lexicale Boom
vaccinated
vaccinating
vaccination
vaccinate
vaccine



























