to transact
Pronunciation
/tɹænˈzækt/

Definitie en betekenis van "transact"in het Engels

to transact
01

transacties uitvoeren, zaken doen

to do business with another person or company
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
transact
3e persoon enkelvoud
transacts
onvoltooid deelwoord
transacting
onvoltooid verleden tijd
transacted
voltooid deelwoord
transacted
Voorbeelden
He had to go to the city hall to transact some legal business related to his property.
Hij moest naar het stadhuis gaan om enkele juridische zaken met betrekking tot zijn eigendom te regelen.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store