to swivel
Pronunciation
/ˈswɪvəɫ/

Definitie en betekenis van "swivel"in het Engels

to swivel
01

draaien, zwenken

to pivot or rotate around a fixed point
Intransitive
to swivel definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
bewegingswerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
swivel
3e persoon enkelvoud
swivels
onvoltooid deelwoord
swiveling
onvoltooid verleden tijd
swiveled
voltooid deelwoord
swiveled
Voorbeelden
The surveillance camera could swivel in all directions, ensuring comprehensive coverage of the area.
De bewakingscamera kon in alle richtingen draaien, wat een uitgebreide dekking van het gebied verzekerde.
01

draaikoppeling, zwenkverbinding

a coupling (as in a chain) that has one end that turns on a headed pin
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
swivels
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store