Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to pretend
01
doen alsof, veinzen
to act in a specific way in order to make others believe that something is the case when actually it is not so
Transitive: to pretend to do sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
pretend
3e persoon enkelvoud
pretends
onvoltooid deelwoord
pretending
onvoltooid verleden tijd
pretended
voltooid deelwoord
pretended
Voorbeelden
Sometimes, pretending to be confident can help overcome nervousness in social situations.
Soms kan doen alsof je zelfverzekerd bent helpen om nervositeit in sociale situaties te overwinnen.
02
doen alsof, veinzen
to act as if experiencing or having an emotion or trait without truly feeling it
Transitive: to pretend an emotion
Voorbeelden
She pretended surprise, though she had known about the party.
Ze deed alsof ze verrast was, hoewel ze van het feest afwist.
03
doen alsof, voorwenden
represent fictitiously, as in a play, or pretend to be or act like
Transitive: to pretend to do sth | to pretend that
Voorbeelden
They pretended to be superheroes, saving the city from invisible villains.
Ze deden alsof ze superhelden waren, die de stad redden van onzichtbare schurken.
Voorbeelden
He can not pretend to any authority in the matter when he ’s just a beginner.
Hij kan geen autoriteit pretenderen in deze kwestie wanneer hij slechts een beginner is.
Pretend
01
doen alsof, voorwendsel
the enactment of a pretense
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
ontelbaar
pretend
01
fictief, denkbeeldig
imagined as in a play
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
onvoltooid-deelwoordelijk bijvoeglijk naamwoord
kwalitatief
overtreffende trap
most pretend
vergrotende trap
more pretend
gradueerbaar
Lexicale Boom
pretended
pretender
pretending
pretend



























