overcharge
o
ˈoʊ
ow
ver
vər
vēr
charge
ˌʧɑrʤ
chaarj
/ˌəʊvətʃˈɑːdʒ/

Definitie en betekenis van "overcharge"in het Engels

01

overlading, excessieve prijs

a price that is too high
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
overcharges
to overcharge
01

te veel aanrekenen, overvragen

to demand too high a price for goods or services
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
overcharge
3e persoon enkelvoud
overcharges
onvoltooid deelwoord
overcharging
onvoltooid verleden tijd
overcharged
voltooid deelwoord
overcharged
Voorbeelden
He was upset when he realized he had been overcharged for his meal.
Hij was van streek toen hij besefte dat hij te veel was aangerekend voor zijn maaltijd.
02

overbelasten, te zwaar belasten

place too much a load on
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store