Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
northerly
grammaticale informatie
Voorbeelden
The river flowed northerly, carving its path through the rugged landscape.
De rivier stroomde noordwaarts, en baande zich een weg door het ruige landschap.
02
noordwaarts, uit het noorden
toward the south, originating in the north
Voorbeelden
The wind blew northerly, bringing a chill from the distant mountains.
De wind waaide noordwaarts, een kou meebrengend van de verre bergen.
northerly
01
noordelijk, in noordelijke richting
oriented toward or moving in the direction of the north
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
relationeel
niet gradueerbaar
Voorbeelden
The hikers continued their journey in a northerly direction, hoping to reach the summit by noon.
De wandelaars vervolgden hun reis in noordelijke richting, in de hoop tegen de middag de top te bereiken.
Voorbeelden
The brisk northerly wind made the morning air feel even colder.
De frisse noordenwind maakte de ochtendlucht nog kouder aanvoelen.
Northerly
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
northerlies
Voorbeelden
The northerly made the temperatures drop dramatically overnight.
De noordenwind zorgde ervoor dat de temperaturen 's nachts drastisch daalden.
Lexicale Boom
northerly
norther
north



























