audibly
au
ˈɔ:
aw
dib
dɪb
dib
ly
li
li

Definitie en betekenis van "audibly"in het Engels

audibly
01

hoorbaar, duidelijk

in a way that is loud enough to be heard 
audibly definition and meaning
grammaticale informatie
Voorbeelden
She audibly sighed with relief when the exam was finally over. 

Ze zuchtte hoorbaar van opluchting toen het examen eindelijk voorbij was.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store