to nickname
nick
ˈnɪk
nik
name
neɪm
neim

Definitie en betekenis van "nickname"in het Engels

to nickname
01

een bijnaam geven, noemen

to give someone or something a different name, often to show affection or emphasize a particular trait 
Complex Transitive: to nickname sb/sth sth
to nickname definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
nickname
3e persoon enkelvoud
nicknames
onvoltooid deelwoord
nicknaming
onvoltooid verleden tijd
nicknamed
voltooid deelwoord
nicknamed
Voorbeelden
The towering skyscraper, officially named "Metropolis Tower," was nicknamed "The Silver Needle" by locals due to its sleek design. 

De imposante wolkenkrabber, officieel genaamd "Metropolis Tower", kreeg van de plaatselijke bevolking de bijnaam "De Zilveren Naald" vanwege zijn strakke ontwerp.

01

bijnaam, koosnaam

a familiar or humorous name given to someone that is connected with their real name, appearance, or with something they have done 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
meervoudsvorm
nicknames
Voorbeelden
His friends call him "Speedy" because of how fast he runs. 

Zijn vrienden noemen hem "Speedy" vanwege hoe snel hij rent. Bijnaam

02

bijnaam, scheldnaam

a descriptive name for a place or thing 
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store