Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Voorbeelden
The lowly intern was tasked with menial duties in the office.
De nederige stagiair kreeg simpele taken toegewezen op kantoor.
lowly
01
zachtjes, laag
in a soft or subdued manner, often referring to volume or tone
Voorbeelden
He spoke lowly, trying not to disturb the quiet of the early morning.
Hij sprak zachtjes, in een poging de stilte van de vroege ochtend niet te verstoren.



























