Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to ascertain
01
vaststellen, bepalen
to determine something with certainty by careful examination or investigation
Transitive: to ascertain sth
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
ascertain
3e persoon enkelvoud
ascertains
onvoltooid deelwoord
ascertaining
onvoltooid verleden tijd
ascertained
voltooid deelwoord
ascertained
Voorbeelden
The detective ascertained the identity of the culprit through fingerprint analysis.
De detective bepaalde de identiteit van de dader door vingerafdrukanalyse.
02
verzekeren, bevestigen
to make someone sure or confident about something
Transitive: to ascertain sb of sth
Voorbeelden
The teacher ascertained the students of their success in the final exam.
De leraar verzekerde de leerlingen van hun succes in het eindexamen.
Lexicale Boom
ascertainable
ascertained
ascertain



























