Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
to live down
[phrase form: live]
01
goedmaken, overkomen
to move past a negative reputation, embarrassing situation, or mistake by demonstrating better behavior over time
Voorbeelden
The family was determined to live down the shame of their past mistakes.
Het gezin was vastbesloten om de schaamte van hun fouten uit het verleden te overwinnen.



























