Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
01
juweel, edelsteen
a precious or semi-precious piece of stone cut and polished to make items of jewelry
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
meervoudsvorm
jewels
Voorbeelden
The old library, with its vast collection of rare books, is a jewel in the city's cultural heritage.
De oude bibliotheek, met zijn uitgebreide collectie zeldzame boeken, is een juweel in het culturele erfgoed van de stad.
to jewel
01
versieren met edelstenen, tooien met juwelen
adorn or decorate with precious stones
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
tegenwoordige tijd
jewel
3e persoon enkelvoud
jewels
onvoltooid deelwoord
jeweling
onvoltooid verleden tijd
jeweled
voltooid deelwoord
jeweled
Lexicale Boom
jewelry
jewel



























