predicative expressionprepossessing
van 47
predicative expressionprepossessing
predicative expression[n]

predicatieve uitdrukking,predicatieve constructie

predict[v]

voorspellen,predicten

predictable[adj]

voorspelbaar,te voorzien

predictably[adv]

voorspelbaar

prediction[n]

voorspelling, prognose

predictive[adj]

voorspellend,prognostisch

predilection[n]

voorliefde, neiging

predispose[v]

predisponeren,vatbaar maken

predispose to[v]

predisponeren voor,vatbaarder maken voor

predispose towards[v]

predisponeren voor,vatbaar maken voor

predisposed[adj]

predisponerend,vatbaar

predominance[n]

overheersing

predominant[adj]

overheersend,dominant

predominantly[adv]

voornamelijk,overwegend

preeclampsia[n]

pre-eclampsie,zwangerschapsvergiftiging

preeminence[n]

voortreffelijkheid,superioriteit

preeminent[adj]

uitmuntend,vooraanstaand

preempt[v][n]

voorkomen,voor zijn • preempt,voorkomend bod

preemptive[adj]

preventief,vooruitlopend

preemptively[adv]

preventief,voorkomend

preen[v]

veren gladstrijken,zichzelf verzorgen

preexist[v]

vooraf bestaan,eerder bestaan

prefabricated[adj]

prefab

preface[n][v]

voorwoord,inleiding • inleiden,voorafgaan

prefatory[adj]

inleidend,voorbereidend

prefer[v]

verkiezen,liever hebben

preferable[adj]

voorkeur,wenselijker

preferably[adv]

bij voorkeur,liever

preferans[n]

Preferans,Russische preferans

preference[n]

voorkeur,neiging

preferential[adj]

preferentieel,bevoorrecht

preferentially[adv]

bij voorkeur,op een voorkeursmanier

preferred[adj]

voorkeur,favoriet

preferred pronoun[n]

voorkeursvoornaamwoord,gekozen voornaamwoord

prefigure[v]

voorspellen,aanduiden

prefix[n][v]

voorvoegsel • voorvoegen,een voorvoegsel toevoegen aan

prefrontal[adj]

prefrontaal

prefrontal cortex[n]

prefrontale cortex,prefrontale kwab

pregame[v]

voordrinken,zich voorbereiden door te drinken

pregnancy[n]

zwangerschap,staat van zwangerschap

pregnancy test[n]

zwangerschapstest,zwangerschapsonderzoek

pregnant[adj]

zwanger,drachtig

preheat[v]

voorverwarmen,verwarmen vooraf

prehensile[adj]

grijpbaar,in staat om vast te houden

prehension[n]

het grijpen,de greep

prehistoric[adj]

prehistorisch,voorgeschiedkundig

prehistory[n]

prehistorie,oertijd

preimplantation genetic testing[n]

pre-implantatie genetische test,genetische diagnostiek voor implantatie

prejudice[n][v]

vooroordeel,bevooroordeeldheid • bevooroordelen,negatief beïnvloeden

prejudiced[adj]

bevooroordeeld,partijdig

prelacy[n]

prelatuur,kerkelijke waardigheid

prelim[n]

voorronde,voorbereidende fase

preliminary[adj][n]

voorlopig • voorronde

prelims[n]

voorlopige pagina's,voorwoord

prelude[n][v]

prelude,inleiding • spelen als prelude,preluderen

premature[adj]

prematuur

prematurely[adv]

voortijdig,te vroeg

premedical[adj]

premedisch,voorbereidend op de medische school

premeditate[v]

voorbedachten,vooraf plannen

premeditated[adj]

voorbedacht,van tevoren gepland

premier[n][v][adj]

Premier,Regeringsleider • in première gaan,voor het eerst opvoeren • eerste,initieel

premier league[n]

Premier League,Engelse Premier League

premiere[n][v][adj]

première • in première gaan,voor het eerst presenteren • eerste,aanvankelijk

premiership[n]

premiership,ambt van premier

premise[n][v]

premisse,postulaat • veronderstellen,postuleren

premises[n]

terrein,gebouw

premium[n][adj]

premie,verzekeringspremie • hoogwaardig,premium

premium bond[n]

premie-obligatie,spaarlot

premium casual restaurant[n]

premium casual restaurant,hoogwaardig casual restaurant

premolar[n]

premolaar,valse kies

premonition[n]

voorgevoel,premonitie

prenatal[adj]

prenataal,voor de geboorte

prenatal diagnosis[n]

prenatale diagnose,diagnose voor de geboorte

prenatal ultrasound[n]

prenatale echografie,zwangerschapsecho

prenuptial agreement[n]

huwelijkscontract,prenuptiale overeenkomst

preoccupation[n]

bezigheid

preoccupy[v]

bezig houden,zorgen baren

preordain[v]

voorbeschikken,voorbestemmen

preorder[n][v]
prep[n][v]

voorbereidend werk • voorbereiden,antiseptisch behandelen

prep cook[n]

keukenhulp,ingrediëntenvoorbereider

prepaid[adj]

voorafbetaald,vooruitbetaald

preparation[n]

voorbereiding

preparative[adj]

voorbereidend,preparatief

preparatory[adj]

voorbereidend,voorlopig

preparatory school[n]

voorbereidende school,particuliere voorbereidende middelbare school

prepare[v]

voorbereiden,klaarmaken

prepare the ground for[phrase]

de basis leggen

prepared[adj]

voorbereid,klaar

preponderance[n]

overwicht,numerieke meerderheid

preponderant[adj]

overheersend,dominant

preponderantly[adv]

overwegend,op overwegende wijze

preposition[n]

voorzetsel,relatiewoord

preposition stranding[n]

voorzetselstranding,verlaten van het voorzetsel

prepositional[adj]

voorzetsel-,gerelateerd aan een voorzetsel

prepositional adverb[n]

voorzetselbijwoord,bijwoord gevormd door een voorzetsel

prepositional case[n]

voorzetselgeval,geval van het voorzetsel

prepositional phrase[n]

voorzetseluitdrukking,voorzetselzin

prepossess[v]

een positieve indruk maken,gunstig beïnvloeden

prepossessing[adj]

aantrekkelijk,innemend

LanGeek
Download de App