Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
verreisen
01
op reis gaan, vertrekken voor een reis
Für eine Zeit an einen anderen Ort reisen, oft zum Urlaub
Voorbeelden
Ich verreise oft mit meiner Familie.
Ik reis vaak met mijn familie.
Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
op reis gaan, vertrekken voor een reis