ernten
Pronunciation
/ˈɛʁntn̩/

Definitie en betekenis van "ernten"in het Duits

ernten
[past form: erntete]
01

oogsten, maaien

Pflanzen oder Früchte von Feldern sammeln, wenn sie reif sind
ernten definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
ernte
3e persoon enkelvoud
erntet
onvoltooid deelwoord
erntend
onvoltooid verleden tijd
erntete
voltooid deelwoord
geerntet
Voorbeelden
Die Ernte beginnt im September.
Oogsten begint in september.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store