bespannen
bes
ˈbəʃ
bēsh
pa
pa
pa
nnen
nən
nēn
besinnenbesonnen

Definitie en betekenis van "bespannen"in het Duits

bespannen
01

bedekken, spannen

Eine Fläche oder ein Gerüst mit einem Material überziehen oder spannen 
bespannen definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
hulpwerkwoord
haben
1e persoon enkelvoud
bespanne
3e persoon enkelvoud
bespannt
onvoltooid deelwoord
bespannend
onvoltooid verleden tijd
bespannte
voltooid deelwoord
bespannt
Voorbeelden
Sie bespannte den Stuhl mit neuem Leder. 

Ze bekleedde de stoel met nieuw leer.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store