Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Der Apfel
01
appel, vrucht van de appelboom
Eine runde Frucht mit roter, grüner oder gelber Schale
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
genitiefvorm
Apfels
meervoudsvorm
Äpfel
Voorbeelden
Im Herbst sammeln wir viele Äpfel.
In de herfst plukken we veel appels.



























