der Apfel
Pronunciation
/ˈapfl/

Definitie en betekenis van "apfel"in het Duits

01

appel, vrucht van de appelboom

Eine runde Frucht mit roter, grüner oder gelber Schale
der Apfel definition and meaning
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
mannelijk
genitiefvorm
Apfels
meervoudsvorm
Äpfel
Voorbeelden
Im Herbst sammeln wir viele Äpfel.
In de herfst plukken we veel appels.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store