Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
violer
01
schenden, overtreden
enfreindre une loi, un contrat ou un principe légal
Voorbeelden
Il a violé son serment professionnel.
Hij heeft zijn professionele eed geschonden.
02
schenden, overtreden
ne pas respecter une règle, une loi ou un droit
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
viole
1e persoon meervoud
violons
1e persoon toekomende tijd
violerai
voltooid deelwoord
violé
1e persoon meervoud imperfectum
violions
Voorbeelden
Ce pays a violé le traité international.
Dit land heeft het internationale verdrag geschonden.



























