pleuvoir
01
regenen, water uit de hemel vallen
tomber de l'eau du ciel
Voorbeelden
Quand il pleut, je reste à la maison.
Wanneer het regent, blijf ik thuis.
02
met bakken uit de hemel vallen, stromen
tomber abondamment
Voorbeelden
Des pétales de rose pleuvaient du balcon.
Rozenblaadjes regenden van het balkon.



























