Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
La piqûre
01
steek, beet
une petite blessure causée par un insecte ou un objet pointu qui perce la peau
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
onbezield
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
piqûres
Voorbeelden
La piqûre de l'abeille est douloureuse.
De steek van de bij is pijnlijk.
02
injectie, prik
l'action d'introduire un liquide, souvent un médicament, dans le corps avec une aiguille
Voorbeelden
Le médecin a fait une piqûre pour le vaccin.
De arts gaf een injectie voor het vaccin.



























