Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
orienter
01
oriënteren, richten
choisir une direction, un domaine ou une voie à suivre
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
hulpwerkwoord
être
1e persoon enkelvoud
oriente
1e persoon meervoud
orientons
1e persoon toekomende tijd
orienterai
onvoltooid deelwoord
orientant
voltooid deelwoord
orienté
1e persoon meervoud imperfectum
orientions
Voorbeelden
Il s' oriente vers une solution plus simple.
Richten zich op een eenvoudigere oplossing.
02
déterminer sa direction par rapport à des points de repère, trouver son chemin
Voorbeelden
Les marins s' orientent grâce aux étoiles depuis des siècles.



























