mental
01
mentaal, intellectueel
qui concerne l'esprit ou les processus de pensée
Voorbeelden
Elle suit un traitement pour sa santé mentale.
Ze ondergaat een behandeling voor haar mentale gezondheid.
02
mentaal, intellectueel
qui se rapporte aux processus cognitifs et intellectuels
Voorbeelden
J' ai une image mentale très précise de l' endroit.
Ik heb een heel precies mentaal beeld van de plaats.
Le mental
[gender: masculine]
01
mentaliteit, geesteshouding
état psychologique et capacité de résistance face aux difficultés
Voorbeelden
Elle travaille son mental avec un coach.
Ze werkt aan haar mentale toestand met een coach.



























