marcher sur
Pronunciation
/maʁʃˈe sˈyʁ/

Definitie en betekenis van "marcher sur"in het Frans

marcher sur
01

op iets stappen, een stap op iets zetten

poser le pied accidentellement sur quelque chose ou quelqu'un
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
verb + preposition
partikel
sur
basiswerkwoord
marcher
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
marche sur
1e persoon meervoud
marchons sur
1e persoon toekomende tijd
marcherai sur
onvoltooid deelwoord
marchant
voltooid deelwoord
marché
1e persoon meervoud imperfectum
marchions sur
Voorbeelden
Elle a marché sur une limace en rentrant chez elle.
Ze is op een naaktslak getrapt toen ze thuiskwam.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store