Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
infirme
01
gehandicapt, invalide
qui a une incapacité physique ou mentale permanente
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
kwalitatief
niet gradueerbaar
mannelijk enkelvoud
infirme
mannelijk meervoud
infirmes
vrouwelijk enkelvoud
infirme
vrouwelijk meervoud
infirmes
Voorbeelden
Elle s' occupe de son père infirme depuis dix ans.
Zij zorgt al tien jaar voor haar invalide vader.
L'infirme
[gender: masculine]
01
persoon met een handicap, invalide
personne atteinte d'une incapacité physique permanente
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
infirmes
Voorbeelden
Cet hôpital spécialisé accueille de nombreux infirmes.
Dit gespecialiseerde ziekenhuis ontvangt veel gehandicapten.



























