l'habitant
habitant
abitɑ̃
abitaa
habitat

Definitie en betekenis van "habitant"in het Frans

01

inwoner, bewoner

personne qui vit dans un lieu, une ville ou un pays 
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
mens
morfologische samenstelling
samenstelling
telbaar
geslacht
mannelijk
meervoudsvorm
habitants
Voorbeelden
Les habitants de ce village sont très accueillants. 

De inwoners van dit dorp zijn erg gastvrij.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store