Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
examiner
01
onderzoeken, inspecteren
observer, inspecter ou contrôler une personne, un objet ou une situation pour évaluer son état
Voorbeelden
Elle a examiné la plaie avant de la nettoyer.
Ze onderzocht de wond voordat ze hem schoonmaakte.
02
examineren, testen
soumettre à un test ou à une évaluation pour mesurer des compétences ou des performances
Voorbeelden
Le professeur examine les élèves à la fin du semestre.
De leraar examineert de leerlingen aan het einde van het semester.
03
onderzoeken, analyseren
étudier, analyser ou évaluer un sujet, un document ou une situation
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
actiewerkwoord
onscheidbaar
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
examine
1e persoon meervoud
examinons
1e persoon toekomende tijd
examinerai
voltooid deelwoord
examiné
1e persoon meervoud imperfectum
examinions
Voorbeelden
Le comité examine les propositions avant de prendre une décision.
De commissie onderzoekt de voorstellen voordat een beslissing wordt genomen.



























