aveugler
01
verblinden, blenden
rendre incapable de voir, temporairement ou définitivement
Voorbeelden
La lumière soudaine l' a complètement aveuglé.
Het plotselinge licht heeft hem volledig verblind.
02
verblinden, het verstand benevelen
priver de raison ou de jugement
Voorbeelden
L' amour peut parfois aveugler les gens.
Liefde kan mensen soms verblinden.



























