appétissant
01
eetlustopwekkend, lekker
qui donne envie de manger
Voorbeelden
Tu as rendu ces simples légumes très appétissants.
Je hebt deze eenvoudige groenten er erg smakelijk uit laten zien.
02
verleidelijk, aantrekkelijk
qui attire, qui donne envie (au sens figuré)
Voorbeelden
Les conditions du contrat n' étaient pas très appétissantes.
De contractvoorwaarden waren niet erg aantrekkelijk.



























