accroître
Pronunciation
/akʁwˈatʁ/

Definitie en betekenis van "accroître"in het Frans

accroître
01

verhogen

augmenter en quantité, en intensité ou en importance
accroître definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
sterk
hulpwerkwoord
avoir
1e persoon enkelvoud
accrois
1e persoon meervoud
accroissons
1e persoon toekomende tijd
accroîtrai
onvoltooid deelwoord
accroissant
voltooid deelwoord
accru
1e persoon meervoud imperfectum
accroissions
Voorbeelden
Nous voulons accroître notre rendement cette année.
We willen onze productiviteit dit jaar verhogen.
02

verhogen, versterken

rendre plus grand ou plus fort
Voorbeelden
Ce projet a accru le prestige de l' université.
Dit project verhoogde het aanzien van de universiteit.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store