Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
tronar
01
donderen
producir o sonar el trueno durante una tormenta
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
trueno
3e persoon enkelvoud
truena
onvoltooid deelwoord
tronando
onvoltooid verleden tijd
tronó
voltooid deelwoord
tronado
Voorbeelden
El cielo tronó antes de la lluvia.
De lucht donderde voor de regen.



























