Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
pasear en bicicleta
/pˌaseˈaɾ ɛm bˌiθiklˈeta/
pasear en bicicleta
01
fietsen
montar en bicicleta por diversión o ejercicio
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
bewegingswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
paseo en bicicleta
3e persoon enkelvoud
pasea en bicicleta
onvoltooid deelwoord
paseando en bicicleta
onvoltooid verleden tijd
paseó en bicicleta
voltooid deelwoord
paseado en bicicleta
Voorbeelden
Quiero pasear en bicicleta con mis amigos mañana.
Ik wil morgen met mijn vrienden fietsen.



























