sufrir
suf
ˈsuf
soof
rir
ɾiɾ
rir
gruñirasumirsentirsurgir

Definitie en betekenis van "sufrir"in het Spaans

sufrir
01

lijden

experimentar dolor físico o emocional 
sufrir definition and meaning
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
frasal
toestandswerkwoord
regelmatig
onscheidbaar
1e persoon enkelvoud
sufro
3e persoon enkelvoud
sufre
onvoltooid deelwoord
sufriendo
onvoltooid verleden tijd
sufrió
voltooid deelwoord
sufrido
Voorbeelden
Sufre de migrañas crónicas desde que era niño. 

Lijdt sinds zijn kindertijd aan chronische migraine.

02

verdragen

soportar o resistir algo desagradable o difícil 
sufrir definition and meaning
Voorbeelden
No puedo sufrir más esta situación. 

Ik kan deze situatie niet langer verdragen.

03

lijden

experimentar un efecto negativo o adversidad 
Voorbeelden
La empresa sufrió pérdidas económicas. 

Het bedrijf leed economische verliezen.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store