Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
triunfar
01
triomferen
alcanzar el éxito o la victoria en una actividad, competencia o situación
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
triunfo
3e persoon enkelvoud
triunfa
onvoltooid deelwoord
triunfando
onvoltooid verleden tijd
triunfó
voltooid deelwoord
triunfado
Voorbeelden
La película triunfó en los cines de todo el mundo.
De film triomfeerde in bioscopen wereldwijd.



























