Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
evolucionar
01
evolueren, zich ontwikkelen
cambiar o desarrollarse gradualmente en forma o función a lo largo del tiempo
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
afgeleid
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
evoluciono
3e persoon enkelvoud
evoluciona
onvoltooid deelwoord
evolucionando
onvoltooid verleden tijd
evolucionó
voltooid deelwoord
evolucionado
Voorbeelden
Las especies evolucionan para adaptarse a su entorno.
Soorten evolueren om zich aan hun omgeving aan te passen.
02
desarrollarse o cambiar gradualmente
Voorbeelden
La ciudad empezó a evolucionar rápidamente.



























