Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
contradecir
01
tegenspreken, weerleggen
decir lo contrario de lo que otra persona afirma o expresar desacuerdo
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
samenstelling
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
contradigo
3e persoon enkelvoud
contradice
onvoltooid deelwoord
contradiciendo
onvoltooid verleden tijd
contradijo
voltooid deelwoord
contradicho
Voorbeelden
No me gusta contradecir a mis amigos sin razón.
Ik houd er niet van om zonder reden tegenspraak te geven aan mijn vrienden.



























