Zoeken
Selecteer de woordenboektaal
Antigüedad
01
oudheid, antieke tijd
época muy antigua del pasado
Voorbeelden
Las ruinas pertenecen a la antigüedad.
De ruïnes behoren tot de oudheid.
02
oudheid, ouderdom
tiempo transcurrido desde el origen o la creación de algo
grammaticale informatie
bezieldheidsstatus
abstract
morfologische samenstelling
enkelvoudig
telbaar
geslacht
vrouwelijk
meervoudsvorm
antigüedades
Voorbeelden
La antigüedad del edificio lo hace muy valioso.
De ouderdom van het gebouw maakt het zeer waardevol.
03
anciënniteit
tiempo que una persona lleva en un empleo o actividad, que determina su experiencia o derechos
Voorbeelden
La antigüedad del empleado se tiene en cuenta para las vacaciones.
Het dienstverband van de werknemer wordt meegenomen voor vakantie.



























