depilar
de
de
de
pi
pi
pi
lar
ˈlaɾ
lar
dedicarenfadarolvidararrugar

Definitie en betekenis van "depilar"in het Spaans

depilar
01

waxen, ontharen met wax

quitarse el vello del cuerpo usando cera 
depilar definition and meaning
Voorbeelden
Me depilo con cera cada mes. 

Ik onthaar me elke maand met wax.

02

ontharen, plukken

quitarse el vello de las cejas, generalmente con pinzas 
grammaticale informatie
morfologische samenstelling
enkelvoudig
actiewerkwoord
regelmatig
1e persoon enkelvoud
depilo
3e persoon enkelvoud
depila
onvoltooid deelwoord
depilando
onvoltooid verleden tijd
me depilé
voltooid deelwoord
depilado
Voorbeelden
Me depilo las cejas con pinzas cada semana. 

Ik ontveer mijn wenkbrauwen met een pincet elke week.

LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store