cuidar
Pronunciation
/kwiðˈaɾ/

Definitie en betekenis van "cuidar"in het Spaans

cuidar
01

zorgen voor, oppassen op

prestar atención y proteger a alguien o algo para que esté seguro o en buen estado
cuidar definition and meaning
Voorbeelden
Necesitamos cuidar el jardín.
We moeten voor de tuin zorgen.
02

oppassen, bewaken

atender y vigilar a un niño cuando sus padres no están
cuidar definition and meaning
Voorbeelden
Necesito encontrar a alguien de confianza para que cuide al bebé.
Ik moet iemand betrouwbaars vinden om op de baby te passen.
03

voor jezelf zorgen, letten op je eigen gezondheid

prestar atención y proteger la propia salud o bienestar
Voorbeelden
Ella se cuida haciendo ejercicio todos los días.
Ze zorgt voor zichzelf door elke dag te sporten.
LanGeek
Download de App
langeek application

Download Mobile App

App Store